banner

Hondenrassen

 
Navigatie
   Woefkesranch
 
FranÁais English Deutsch

Betaling - Reservatie


 

Bezoek ons!
Visitez nous!
Come visit us!
Besuchen sie uns!
 

 

Print Friendly and PDF

Gedrag en Levensruimte van de Teckel

Dashonden bestaan in een groot aantal variŽteiten: de gewone Teckel, de Dwergteckel en de Kaninchenteckel met elk drie typen van beharing en drie kleurvariŽteiten. Het blijft een kwestie van smaak voor welke variŽteit en voor welke beharing wordt gekozen, als men een Dashond als gezelschapshond wil aanschaffen. Hoewel de ruwharen zowel bij de standaard-Dashond als bij de Dwergteckel de laatste paar jaar het populairst zijn, is het best mogelijk dat deze populariteit in de toekomst door een andere variŽteit wordt overgenomen. Voor de jachthond kan ook bewust een bepaalde variŽteit en een soort beharing worden gekozen, afhankelijk van het soort terrein waarin de hond moet jagen.

De eenheid van het ras moet niet uit het oog worden verloren. Deze eenheid is vooral zo moeilijk te handhaven omdat er zoveel variŽteiten zijn, en omdat functies, aanleg en gebruik zo verschillend zijn. Een bepaald percentage Dashonden moet - ongeacht hun grootte en hun beharing - als gebruikshond kunnen worden ingezet. Dat geldt ook voor de Dwergteckels en Kaninchenteckels, die voor de moeilijkste proeven slagen. Het is altijd mogelijk gebleken om uit werklijnen honden te verkrijgen die ook esthetisch gezien perfect zijn, of qua aard evenwichtig zijn (een hond die zich gemakkelijk aan verschillende omgevingen kan aanpassen). Het tegenovergestelde - zoeken naar de oorspronkelijke werkaanleg als in de fokkerij van een ras alleen nog wordt geselecteerd op schoonheid en geschiktheid als gezelschapshond - is veel moeilijker te bereiken, zo niet onbereikbaar.

Binnen dit kader is het interessant om te vertellen wat de ervaringen waren van Charles Huge, Belgisch hondenliefhebber en fokker van naam. Hij wilde met zijn fokkerij van Dashonden, als tentoonstellingshond exemplaren fokken die geschikt waren voor werkwedstrijden. Na jaren van vruchteloze pogingen gaf hij het op en kocht werkexemplaren. Hun lichaamsbouw was zeker niet perfect, maar in korte tijd kon hij exemplaren uitbrengen die uitblonken in jachtwedstrijden onder de grond, en die tegelijkertijd de eerste prijzen haalden in de keurring.

De Teckel is, naast de FoxterriŽr en de JachtterrŽir, een ras dat regelmatig wordt gebruikt voor de jacht onder de grond. De meeste terriŽrrassen dragen alleen nog maar de naam aardhond, maar worden niet meer daadwerkelijk op grote schaal gebruikt als werkhond. De Dashond wordt zeer gewaardeerd om zijn vermogen in alle holen door te dringen, en om zijn ongeŽvenaarde aanleg om te graven. Verder worden zijn moedige en levendige aard zeer op prijs gesteld. Hij kan echter ook voorzichtig en intelligent zijn als het moet, want hij moet zien te voorkůmen dat hij verminkt raakt. Zijn gebruik als 'zweethond' is traditioneel in Duitsland en lijkt zich naar Frankrijk uit te breiden. Deskundigen op dit gebied willen niet dat welk ras dan ook alleen hiervoor wordt gebruikt, ook niet als het bloedhonden betreft. Veel honden van de meest uiteenlopende rassen kunnen, mits ze in goede handen zijn, voortreffelijke resultaten bereiken. De voornaamste zorg in Frankrijk bestaat echter meer uit het vormen van echte specialisten dan uit het vinden van geschikte honden. De Dashond kan zich er evenwel op beroemen dat hij beslist aanleg heeft en voordelen biedt. Daarover is weleens het volgende geschreven: 'Door hun jachtpassie en hun kleine formaat zijn ze geschikt voor op het zweetspoor. Ze geven op het spoor goed hals en bezitten een groot uithoudingsvermogen. Verder jagen ze met de neus laag. Door al deze kwaliteiten evenaren ze vaak de prestaties van de Hannoveraanse Schweiszhund, en overtreffen deze zelfs hierin'.

Als de Teckel een goede hals (stem) heeft en een gedegen opvoeding heeft gehad, is hij zeer waardevol. Hij kan de grootste voldoening geven ais hij bosjes, heggen en kreupelhout afspeurt. Dan is hij net als een spaniŽl, maar hij jaagt nog luider en grondiger. Daarbij is hij ook nog een specialist in de jacht op het konijn en de fazant.

In Duitsland wordt ook de jacht op groot wild (everzwijn, hert) en op de ree vaak beoefend met Dashonden ('Pirsch' ofwel 'bersjacht'). Daar geldt eveneens voor dat de honden waarmee wordt gejaagd uit lijnen stammen die zich in jachtproeven hebben bewezen. De honden zelf moeten uitstekend zijn afgericht. Ook richten sommige Duitse jagers hun Teckels af voor het bewaken van de weitas en het dode wild. Men kan er zeker van zijn dat niemand in de buurt van de attributen hoeft te komen.

Tenslotte heeft men het ras gebruikt om truffels te zoeken (Canada), en om drugs te ontdekken. Door zijn kleine formaat kan hij immers overal in kruipen. Dit zijn weliswaar twee bijzondere toepassingen, maar de vraag is of dit allemaal ook mogelijk zou zijn geweest als het ras niet zulke voortreffelijke werklijnen kent.

Het is en blijft een feit dat een meerderheid van de kopers in Dashonden vůůr alles een gezelschapshond zoeken.

Als men alleen maar een aparte en gedweeŽ hond wil hebben, kan misschien beter een andere hond worden gekocht. Wil men echter een hond met karakter, en is men zelf sterk genoeg om de hond, voor welke taak dan ook, geschikt te maken dan is een Teckel zonder enige twijfel de juiste keus.

In de meeste landen wordt de Teckel bijna uitsluitend als gezelschapshond gehouden. Daardoor is zijn uiterlijk niet veranderd. Hoogstens kan worden gezegd dat hij misschien nog `iets dichter bij de grond' is komen te staan. Hij is als gezelschapshond ook niet minder intelligent geworden dan hij als jachthond was. Integendeel, hij kan ondeugend, koppig, komisch en zelfs halsstarrig zijn, en heel nieuwsgierig. Ook staat hij bekend om zijn opmerkelijk gevoel voor initiatief, dat hem als jachthond zo goed van pas komt. Hij is zeker ook onafhankelijk, maar tegelijkertijd vol levenslust en energie. Verder valt hij heel vaak op door zijn zeer scherpe intelligentie. Door al deze karaktertrekken heeft hij een vastberaden baas nodig, met net voldoende natuurlijk gezag (en dat is iets heel anders dan autoritair en hardhandig optreden).

Tenslotte is de hond zeer sociaal, hoewel hij zo zijn voorkeuren heeft. Soms kan hij zich wantrouwend en zelfs ronduit vijandig gedragen tegenover bepaalde mensen. Over het algemeen is hij trouwens een uitstekende alarminstallatie. Hij is nergens bang voor en blaft alleen als het echt nodig is. Als hij gewend is aan kinderen in huis, blijkt hij een voortreffelijk speelkameraadje voor ze te zijn.

bron: mijn hond, mijn vriend

 


© 2000 Woefkesranch, Slameuterstraat 29, 2850 Peulis (Putte) - (+32)015/75.59.42 - info@woefkesranch.be - Disclaimer - Sitemap - Links